Minister van Asiel en Migratie Bart van den Brink heeft veertien gemeenten toegevoegd aan de lijst van gemeenten die volgens de regering niet over voldoende asielopvang beschikken. Vorige maand stonden er al tien gemeenten op de lijst; dit betekent dat er momenteel 24 gemeenten onder toezicht staan.
Het gaat om Aalsmeer, Bronckhorst, Brunssum, Bunschoten, De Ronde Venen, Dinkelland, Hardinxveld-Giessendam, Hellendoorn, Lopik, Montfoort, Oldebroek, Oldenzaal, Vlaardingen en Vught.
24 gemeenten
Het ministerie stelt dat de gemeenten hun verantwoordelijkheden zoals vastgelegd in de Verdelingswet niet nakomen. Deze maatregel heeft tot doel een rechtvaardigere verdeling van opvangplaatsen in heel Nederland te waarborgen. In mei kwam aan het licht dat ongeveer 250 gemeenten onvoldoende of geen huisvesting boden.
De minister maakt gebruik van de hiërarchie van juridische maatregelen om de druk op slecht presterende gemeenten op te voeren. De 24 gemeenten bevinden zich op het derde van de zes niveaus, wat betekent dat ze onder actief toezicht staan. Wethouders moeten met het ministerie afspraken maken over het aantal opvangplaatsen en de uitvoering daarvan.
Als deze afspraken niet worden gemaakt of nageleefd, kan Van den Brink zelf het aantal plaatsen vaststellen. In uitzonderlijke situaties kan het COA met goedkeuring van de minister een opvanglocatie opzetten.
Politieke voorkeuren
Tot nu toe heeft alleen de gemeente Westland contact opgenomen met het ministerie. Een woordvoerder merkte op dat dit deels te wijten is aan de feestdagen.
De recente gemeenteraadsverkiezingen hebben de uitvoering bemoeilijkt omdat in verschillende gemeenten partijen aanhang zouden hebben gekregen omdat zij zich tegen nieuwe opvanglocaties verzetten.
Het ministerie stelt dat politieke voorkeuren geen invloed hebben op de plaatsing op de lijst; alleen vooruitgang bij het nakomen van de wettelijke verplichting telt.























