De jaarlijkse herdenking van de deportatie van Joodse Rotterdammers werd in Rotterdam kortstondig onderbroken door demonstranten die zich verzetten tegen de komst van de Israëlische ambassadeur, Zvi Aviner Vapni.
Tijdens zijn toespraak scandeerden mensen leuzen en hielden zij onder meer spandoeken en T-shirts omhoog met de tekst ‘Never again is now’. De demonstranten werden door de politie weggevoerd, waarna de plechtigheid werd voortgezet.
Bezoek van Israëlische ambassadeur gevoelig
De reis van de ambassadeur was al eerder een gevoelig onderwerp. Verschillende fracties binnen de Rotterdamse gemeenteraad, medewerkers van de gemeente en talrijke organisaties hadden bezwaar gemaakt tegen het optreden van Israël tijdens het conflict in Gaza.
In een open brief aan burgemeester Carola Schouten stelden zij dat er, zoals door VN-deskundigen en anderen was aangegeven, sprake was van genocidale handelingen of genocide in Gaza, waarbij zij benadrukten dat het onaanvaardbaar was dat een Israëlische vertegenwoordiger een prominente rol zou vervullen bij een herdenking voor slachtoffers van genocide.
Jaarlijkse herdenking
Er waren enkele honderden mensen bij de bijeenkomst aanwezig. Schouten legde namens het stadsbestuur en de inwoners een krans bij de Muur en het Joodse Kindermonument in Rotterdam-Zuid. De herdenking vindt elk jaar plaats op 30 juli, de dag waarop in 1942 de deportaties van Joden uit Rotterdam begonnen.






















