Het systeem legt gesprekken vast, zet deze om in geschreven tekst en genereert een voorlopige versie voor het patiëntendossier. Hierdoor hoeven huisartsen minder te typen en bespaarden ze gemiddeld 42,7 seconden per consult, zo bleek uit onderzoek van het Erasmus MC.
De onderzoekers geven aan dat dit vooral leidt tot meer gemoedsrust en minder mentale stress, en niet per se tot de mogelijkheid om extra patiënten te behandelen.
Uit een analyse van 535 consulten bleek dat AI vaak gedetailleerdere beschrijvingen van symptomen, diagnoses en behandelplannen gaf dan de artsen. Details over lichamelijk onderzoek, zoals bloeddrukwaarden of wonden, werden in het rapport inderdaad minder nauwkeurig vastgelegd.
De arts moet deze bevindingen daarom mondeling tijdens het consult vermelden of ze later aan het rapport toevoegen.
AI kan onjuiste informatie genereren
Controle door de huisarts blijft essentieel, hoewel de kans bestaat dat deze controle minder streng wordt naarmate eerdere rapporten betrouwbaar blijken te zijn. Zoals Digizo, een digitaal kennisplatform voor de gezondheidszorg, aangeeft, lopen zowel het gebruik als de kwaliteit per praktijk uiteen.
Huisartsen maken in ongeveer 50 tot 85 procent van hun consulten gebruik van deze hulpmiddelen. Het platform heeft verschillende applicaties positief beoordeeld. Bovendien kan de technologie voor patiënten zorgen voor meer oogcontact tijdens gesprekken, hoewel een geautomatiseerd rapport mogelijk subtiliteiten en non-verbale signalen over het hoofd ziet die een arts doorgaans bewust waarneemt.
Juridische status blijft onzeker
Digizo vermeldt dat uitdrukkelijke toestemming wellicht niet nodig is als geluidsopnames niet worden gearchiveerd en het rapport pas na bevestiging aan het patiëntendossier wordt toegevoegd.
De Autoriteit Persoonsgegevens (AP) onderschrijft deze algemene conclusie echter niet. Volgens de toezichthouder hangt dit af van de gebruikte methode en de situatie. Patiënten moeten vooraf uitdrukkelijk worden geïnformeerd, de medische privacy moet worden gewaarborgd en gegevens mogen alleen worden verwerkt als er een legitieme rechtsgrondslag is volgens de privacywetgeving.
Er kunnen aanvullende eisen gelden, met name als een externe hostingpartij toegang heeft tot medische gegevens. De AP blijft richtlijnen ontwikkelen. Tot nu toe zijn bij de Inspectie voor Gezondheidszorg en Jeugdzorg geen incidenten gemeld die verband houden met dit soort rapportages.























