Premier Jetten beschouwt de uitkomst als een gemiste kans en zegt dat het kabinet zijn verantwoordelijkheid zal nemen door over twee weken met een nieuwe nationale maatregel te komen. De wetgeving werd gisteren verworpen, na de eerdere afwijzing van een amendement dat illegale immigratie strafbaar moest maken.
De stemming liep deels anders uit door een onverwachte ommezwaai van de PVV, die Jetten omschreef als politieke sabotage; hij benadrukt echter dat het kabinet zich hierdoor niet zal laten afschrikken. Minister van Asiel Bart van den Brink (CDA) merkte tijdens het debat op dat er grote frustratie heerst over asielzoekers die niet willen terugkeren, wat het kabinet ertoe heeft aangezet nieuwe voorstellen te formuleren.
Één wet wel aangenomen
De twee genoemde wetten zijn afkomstig van het vorige kabinet en zijn tot stand gekomen onder leiding van de voormalige minister van Asiel, Marjolein Faber (PVV).
De wetgeving inzake noodmaatregelen op asielgebied werd verworpen omdat de vrees bestond dat het helpen van mensen zonder papieren neerkwam op het plegen van een misdrijf.
Tegelijkertijd keurde de Eerste Kamer een ander beleid goed, het systeem van de dubbele status, dat onderscheid maakt tussen vluchtelingen die tijdelijk mogen blijven en personen die om persoonlijke redenen asiel aanvragen.
Drie prioriteiten
Jetten noemt drie prioriteiten voor toekomstige maatregelen: het beperken van de instroom, het organiseren van de asielprocedure en het nemen van strengere maatregelen tegen degenen die voor verstoringen zorgen.

















