In de marge van de 81ste Algemene Vergadering van de Verenigde Naties hebben België, Jordanië en de Europese Unie op woensdag 23 september 2026 een gezamenlijke oproep tot actie gelanceerd ter bescherming van Palestijnse kinderen in de Gazastrook en op de Westelijke Jordaanoever.
Het diplomatieke initiatief moet voorkomen dat het lot van deze kinderen in de vergetelheid raakt nu de internationale aandacht verschuift. De initiatiefnemers hopen hiermee het door de VN gemelde financieringstekort voor 2026 aan te vullen. Geld alleen is echter niet voldoende; het prioriteren van veilige en ongehinderde humanitaire toegang staat centraal in de oproep.
België plaatste tijdens zijn mandaat in de VN-Veiligheidsraad (2019-2020) het thema 'kinderen en gewapende conflicten' op de internationale agenda en nam begin juli 2026 voor een jaar het voorzitterschap over van de adviescommissie van UNRWA, het VN-agentschap voor Palestijnse vluchtelingen.
Volgens minister van Buitenlandse Zaken Maxime Prévot (Les Engagés) wil België deze verantwoordelijkheid benutten om de dialoog tussen donoren, gastlanden en het agentschap in stand te houden en openlijk te spreken over financiering, hervormingen en de randvoorwaarden die UNRWA nodig heeft om haar mandaat uit te voeren.
Achtergrond en context
Drie jaar na het uitbreken van het conflict blijft de humanitaire situatie in Gaza catastrofaal, ondanks de wapenstilstand van 10 oktober 2025. Vrijwel de gehele bevolking van 2,1 miljoen mensen leeft samengepakt op minder dan de helft van de Gazastrook onder extreem barre omstandigheden.
De toegang voor hulpverleners wordt ernstig beperkt door administratieve obstakels, willekeurige restricties op goederen voor dubbel gebruik en een nieuw registratiekader voor ngo's. Met de naderende winter heeft 94 procent van de bevolking dringend behoefte aan onderdak en noodhulpgoederen.
De humanitaire impact op kinderen is ongekend zwaar. Sinds 7 oktober 2023 zijn in Gaza meer dan 73.669 Palestijnen gedood en bijna 175.000 gewond raakt, onder wie minstens 21.280 gedode kinderen. Duizenden kinderen liggen nog onder het puin.
Zelfs in de 300 dagen na de wapenstilstand van oktober 2025 kwamen nog minstens 300 kinderen om het leven — gemiddeld één kind per dag. Uit de cijfers blijkt dat 96 procent van de kinderen in Gaza aangeeft het gevoel te hebben dat de dood nabij is.
Situatie in Gaza
De leefomstandigheden in Gaza blijven op alle fronten kritiek. Tussen juli en december 2026 zullen naar verwachting meer dan 1,4 miljoen mensen (67 procent van de bevolking) te maken krijgen met ernstige voedselonzekerheid (IPC-fase 3 of hoger), van wie 212.000 in een noodsituatie (IPC-fase 4).
Hoewel acute ondervoeding daalde door opgeschaalde voedingsprogramma's, kampte in juni 2026 ongeveer 12 procent van de kinderen onder de vijf jaar met chronische ondervoeding, wat kan leiden tot onomkeerbare ontwikkelingsachterstanden.
De gezondheidszorg is zwaar aangetast: slechts 19 van de 36 ziekenhuizen (53 procent) waren in juni 2026 nog gedeeltelijk operationeel. Meer dan 18.500 gewonden en chronisch zieken wachten op medische evacuatie bij gebrek aan gespecialiseerde zorg.
Slechts 12 van de 34 zuurstofinstallaties werken nog en in juli was er een tekort van 47 procent aan essentiële geneesmiddelen. Bovendien is bijna 90 procent van de water- en sanitaire infrastructuur beschadigd of verwoest, wat in overvolle opvanglocaties leidt tot ernstige hygiëneproblemen en uitbraken van huidinfecties en ongedierte.
Op het gebied van huisvesting woont twee derde van de bevolking in tenten of tijdelijke noodwoningen, waarbij meer dan de helft van de gezinnen al langer dan een jaar in dezelfde tijdelijke opvang verblijft.
Ook het onderwijs is ingestort: begin 2026 had 60 procent van de schoolgaande kinderen geen toegang tot fysiek onderwijs en was meer dan 90 procent van de scholen beschadigd of verwoest. Meer dan 335.000 kinderen onder de vijf jaar lopen het risico op ernstige ontwikkelingsstoornissen.
Volgens schattingen heeft Gaza bijna 70 jaar aan ontwikkelingsvooruitgang verloren. Het opruimen van de meer dan 60 miljoen ton puin alleen al zal zeven jaar duren, terwijl de heropbouw decennia in beslag zal nemen.
Westelijke Jordaanoever en Oost-Jeruzalem
Op de Westelijke Jordaanoever, inclusief Oost-Jeruzalem, verslechtert de situatie eveneens snel. Sinds 7 oktober 2023 werden daar meer dan 1135 Palestijnen gedood, onder wie minstens 250 kinderen.
Geïntensiveerde militaire operaties en een recordniveau aan kolonistengeweld in 2026 hebben geleid tot een versnelling van gedwongen verplaatsingen. In 2026 werden dagelijks gemiddeld 17 mensen, onder wie acht kinderen, verplaatst door het ontbreken van bouwvergunningen, sloopacties en geweld.
Het onderwijs voor meer dan 834.000 kinderen wordt bedreigd door slooporders, militaire operaties en bewegingsbeperkingen. In december 2025 werden 925 bewegingsobstakels geregistreerd, een stijging van 43 procent ten opzichte van het gemiddelde van de afgelopen twee decennia.
Daarnaast is het aantal gedetineerde kinderen gestegen naar het hoogste niveau in acht jaar: minstens 355 Palestijnse kinderen zitten vast in Israëlische militaire detentie, van wie 164 in administratieve detentie zonder aanklacht of proces.
De druk op VN-voorzieningen neemt eveneens toe. In januari 2026 werd het UNRWA-complex in Oost-Jeruzalem bijna volledig verwoest door de Israëlische autoriteiten, terwijl het Kalandia Training Centre — dat al meer dan 70 jaar beroepsopleidingen biedt aan vluchtelingen — herhaaldelijk door Israëlische troepen in beslag is genomen. Dit vormt een schending van de internationale verplichtingen inzake de onschendbaarheid van VN-gebouwen.
Oproep tot actie en doelstellingen
Om te voldoen aan de humanitaire beloftes van resolutie 2803 van de VN-Veiligheidsraad en de toekomst van Palestijnse kinderen te beschermen, dringen de initiatiefnemers aan op een strikte naleving van het internationaal humanitair recht. Civiele infrastructuur zoals scholen en ziekenhuizen moet worden beschermd, en schenders van het internationaal recht moeten ter verantwoording worden geroepen.
De diplomatieke bijeenkomst heeft concrete doelstellingen: dringende aandacht vragen voor de verslechterende situatie van kinderen vóór de winter invalt, de operationele belemmeringen op het terrein belichten, de donorbasis vergroten en de politieke wil hernieuwen om Palestijnse kinderen te beschermen.
Het beschermen van kinderen en het garanderen van onderwijs en zorg wordt niet alleen gezien als een juridische plicht, maar ook als een essentiële investering in een leefbare Palestijnse staat en een duurzame vrede.
Financiering van de hulpverlening
De oproep pleit voor adequate middelen via bestaande financieringskanalen. Voor de periode van januari tot december 2026 vraagt een bijgewerkte Flash Appeal voor het bezette Palestijnse gebied om 4,06 miljard dollar om te voorzien in de noodbehoeften van 2,97 miljoen mensen (2,1 miljoen in Gaza en 0,87 miljoen op de Westelijke Jordaanoever).
Op 15 september 2026 hadden VN-lidstaten circa 1,61 miljard dollar uitgekeerd, wat neerkomt op 39,7 procent van het gevraagde bedrag. Bijna 92 procent van deze middelen is bestemd voor de respons in Gaza, en ruim 8 procent voor de Westelijke Jordaanoever.
In augustus 2026 beheerde het oPt Humanitarian Fund 77 lopende projecten met een totale waarde van 58,7 miljoen dollar, uitgevoerd door internationale ngo's, nationale ngo's en VN-organisaties.






















