De besmettelijke huidaandoening schurft blijft een hardnekkig probleem in Nederland. Hoewel de absolute piek uit 2023 achter ons ligt, kwam de aandoening vorig jaar nog altijd ruim elf keer zo vaak voor als vijftien jaar geleden. Omdat de behandeling ingewikkeld is en bij circa 30 procent van de patiënten niet in één keer slaagt, zetten GGD's en onderzoekers in op ludieke voorlichting en nieuwe digitale hulpmiddelen.
Volgens cijfers van onderzoeksinstituut Nivel is het aantal schurftgevallen de afgelopen decennia sterk toegenomen. Waar er vijftien jaar geleden nog sprake was van 0,6 patiënten per duizend inwoners, lag dat aantal vorig jaar op 6,8 per duizend inwoners. Hoewel dat een daling is ten opzichte van de piek in 2023 (10,2 per duizend inwoners), is het probleem nog lang niet verdwenen.
Epidemioloog Wilma Stolk, die voor het Erasmus MC en GGD Rotterdam-Rijnmond onderzoek doet naar het stoppen van de epidemie, geeft aan dat schurft decennialang nauwelijks voorkwam in Nederland. De precieze oorzaak van de huidige stijging is onduidelijk.
Stolk gelooft niet in een plotselinge gedragsverandering, maar wijst op factoren zoals het feit dat we meer zijn gaan reizen en de nog onbekende impact van klimaatverandering. Ook is het mogelijk — hoewel lastig te bewijzen — dat de mijten minder gevoelig zijn geworden voor medicatie.
Wat is schurft en hoe raak je besmet?
Schurft wordt veroorzaakt door de schurftmijt: een minuscuul beestje dat niet met het blote oog te zien is. De mijt kruipt onder de huid en legt daar eitjes, waardoor het organisme zich blijft vermenigvuldigen. Dit leidt tot gekmakende jeuk. Veel patiënten slapen er slecht door en ervaren soms psychische klachten of angstgevoelens door het idee dat er beestjes in hun huid zitten.
Besmetting vindt over het algemeen plaats via intensief huid-op-huidcontact, zoals bij geslachtsgemeenschap of wanneer men een kwartier lang met blote benen tegen elkaar op de bank zit. Een korte handdruk is volgens Stolk niet voldoende om besmet te raken.
Wel kan de mijt indirect overgedragen worden via stoffen meubels, vloerbedekking of handdoeken, waar het beestje tot drie dagen op kan overleven. Omdat een besmet persoon pas na vier tot zes weken jeukklachten krijgt, kunnen mensen het virus ongemerkt verspreiden. Huisgenoten en innige contacten moeten daarom altijd meebehandeld worden, ook als zij nog geen symptomen vertonen.
Ingewikkelde behandeling
Het bestrijden van schurft is een arbeidsintensief proces. Medisch gezien zijn er twee opties: het meermaals slikken van de duurdere ivermectinetabletten of het aanbrengen van een goedkopere crème.
Bij het gebruik van de crème dient het hele lichaam — van de kaaklijn tot de tenen, inclusief de schaamstreek, onder de nagels en de rug — te worden ingesmeerd. De crème moet tot twaalf uur intrekken; tussentijds toiletbezoek vereist dat de afgespoelde plekken opnieuw worden ingesmeerd. Daarnaast vereist het hygiëneprotocol dat beddengoed en kleding grondig worden gewassen, kleding in afgesloten zakken wordt bewaard, stoffen meubels en vloerbedekking worden stofgezogen, en dat huisdieren een paar dagen niet worden geknuffeld.
Nieuwe hulpmiddelen en voorlichting
Omdat de behandeling bij ongeveer 30 procent van de patiënten niet in één keer goed gaat, is er een speciale app ontwikkeld. Deze tool loodst patiënten in twaalf dagen door het complexe hygiënestappenplan en geeft overzicht over taken zoals het knippen van nagels, stofzuigen en het wassen van kleding. De app wordt na de zomer getest onder studenten. Daarnaast werken collega's van GGD Utrecht aan een beeldbank om dokters buiten studentensteden te helpen de aandoening sneller te herkennen.






















