POLITIEK
4 min lezen
Met miljarden naar innovatie negeert Den Haag de pijnlijkste defensievraag
Het kabinet pompt miljarden in snelle legerinnovatie, maar sluit de ogen voor het vervagen van de Amerikaanse steun. Experts hekelen het gebrek aan transparantie en een stappenplan voor een zelfstandig Europees defensiebeleid.
Met miljarden naar innovatie negeert Den Haag de pijnlijkste defensievraag
De Defensienota van defensieminister Dilan Yesilgöz vermijdt om concrete keuzes te maken over een onafhankelijkere koers

De manier van oorlog voeren is definitief veranderd. Met het oog op een langdurige dreiging vanuit Rusland en de toenemende assertiviteit van China investeert het kabinet stapsgewijs in totaal 20 miljard euro extra in Defensie tot 2035. Daarmee voldoet Nederland aan de NAVO-norm om 3,5 procent van het bruto binnenlands product (bbp) uit te geven aan verdediging.

Hoewel de plannen inzetten op een grondige hervorming van de krijgsmacht, klinkt er vanuit experts en de oppositie harde kritiek: de Defensienota verzuimt antwoord te geven op de vraag hoe Nederland en Europa moeten vechten als de Verenigde Staten het laten afweten.

Een nieuwe koers: Drones, AI en cyber

In de Defensienota, die op Vliegbasis Gilze-Rijen werd gepresenteerd, staat dat de krijgsmacht wezenlijk anders moet worden ingericht. Omdat uit de strijd in Oekraïne blijkt dat het merendeel van de slachtoffers valt door drones, ligt de nadruk bij nieuwe investeringen op drones, kunstmatige intelligentie (AI) en cyber.

Het nieuwe uitgangspunt luidt: "onbemenst waar dat kan, bemenst waar het moet". Binnen vijf jaar moet meer dan de helft van de operationele effecten via onbemensde systemen worden behaald.

Om deze omslag te realiseren wil het kabinet 10 procent van het defensiebudget toewijzen aan innovatie. De precieze bedragen voor de productie en ontwikkeling van onder meer drones worden bekendgemaakt tijdens Prinsjesdag en moeten nog door het parlement worden goedgekeurd.

Volgens Nederlandse inlichtingendiensten bereidt Rusland zich voor op een langdurige confrontatie met Europa en kan het, in het slechtste scenario, na de strijd in Oekraïne een beperkte oorlog tegen een NAVO-lid beginnen.

'Lastig om richting te geven'

Naast de dreiging uit het oosten is de veranderde rol van de Verenigde Staten de grootste geopolitieke verschuiving. Het is niet langer vanzelfsprekend dat de VS de Europese veiligheid gegarandeerd blijft waarborgen. Toch vermijdt de Defensienota van defensieminister Dilan Yesilgöz om concrete keuzes te maken over een onafhankelijkere koers.

Tijdens een hoorzitting in de Tweede Kamer spraken diverse deskundigen hun zorgen uit. Voor het eerst in 35 jaar werd defensie-expert Rob de Wijk (The Hague Centre for Strategic Studies) niet om input gevraagd.

Volgens hem worden controversiële geluiden hiermee bewust buiten de deur gehouden. De Wijk noemt het gebrek aan concrete plannen een probleem dat zowel het democratische als het publieke debat ondermijnt.

Bart van den Berg (Instituut Clingendael) noemt het afbouwen van de Amerikaanse afhankelijkheid de "roze olifant in de kamer". Hoewel de voorgenomen opschaling, de steun aan Oekraïne en de versterking van de defensie-industrie positief zijn, stopt de analyse precies waar het er op aankomt: hoe richt Europa een eigen NAVO-pijler in en hoe vecht het zonder Amerikaanse ondersteuning?

Hoogleraar Strategische Studies Niels van Willigen (Universiteit Leiden) sluit zich daarbij aan en mist een urgentie en een concreet stappenplan om minder afhankelijk te worden van Washington.

Geen debat, geen transparantie

Ondanks de geopolitieke spanningen blijft het kabinet terughoudend in zijn formuleringen. In de Defensienota wordt de NAVO nog altijd bestempeld als de hoeksteen van de verdediging, met de VS als belangrijkste bondgenoot.

Ook in het coalitieakkoord van D66, VVD en CDA en in de veiligheidsstrategie van minister van Buitenlandse Zaken Tom Berendsen wordt wel gesproken over meer eigen verantwoordelijkheid, maar wordt het verminderen van de afhankelijkheid van de VS niet expliciet benoemd.

Een inhoudelijk debat over de Defensienota zelf komt er vooralsnog niet. De partijen CDA, VVD, PVV, JA21, CU, SGP en de Groep Markuszower hebben een afzonderlijk debat hierover van de agenda laten halen. Wimar Bolhuis (PRO) betreurt dit besluit en stelt dat er volledige transparantie hoort te zijn over de besteding van de extra miljarden.

Snelheid cruciaal en ook een valkuil

Naast het strategische vacuüm rondom de VS speelt er een praktisch probleem bij de uitgaven van het defensiegeld. Defensie geeft prioriteit aan snelheid: apparatuur die snel leverbaar en direct inzetbaar is, krijgt voorrang boven kwalitatief betere spullen met een langere levertijd.

Deze drang naar snelheid leidt echter tot zorgen over de zorgvuldigheid. De Algemene Rekenkamer haalde eerder al uit naar Defensie omdat bij een bedrag van 4,4 miljard euro onvoldoende helder was waar het geld precies aan werd uitgegeven. Het binnenhalen van materiaal op korte termijn dreigt zo ten koste te gaan van het financieel toezicht.