Op 22 september 2022 waarschuwde het federaal parket de toenmalige minister van Justitie, Vincent Van Quickenborne, voor een “zeer concrete dreiging” tegen zijn persoon. Naar aanleiding daarvan werd besloten zijn beveiliging te versterken: er werd een extra politiepatrouille ingezet om toezicht te houden op zijn villa in Kortrijk.
Kort daarna ontdekte de politie in de buurt van zijn woning een auto vol met wapens, kabelbinders en talrijke jerrycans met benzine. Van Quickenborne en zijn gezin werden overgebracht naar een veilige locatie. Alles wees erop dat hij aan een mislukte ontvoeringspoging was ontsnapt.
De politie arresteerde snel vier Nederlanders, die naar verluidt van plan waren Van Quickenborne te ontvoeren. Daarna volgden nog twee arrestaties.
Nieuwe bevindingen
Ondanks de arrestaties besloot het parket in augustus 2024 geen vervolging in te stellen tegen de zes verdachten voor poging tot ontvoering. Dit vanwege een gebrek aan bewijs tegen hen. Als gevolg daarvan vroegen Van Quickenborne en zijn advocaat om nader onderzoek.
Blijkbaar zijn er tijdens het verdere onderzoek nieuwe bevindingen aan het licht gekomen, want het Openbaar Ministerie verzoekt de Kamer van Inbeschuldigingstelling om de zes verdachten alsnog in staat van beschuldiging te stellen. “Voor drie van hen vragen we een verwijzing wegens poging tot gijzeling”, aldus het Openbaar Ministerie.
Vandaag behandelt de Kamer van Inbeschuldigingstelling de zaak, die zal bepalen of de groep van zes voor de correctionele rechtbank moet verschijnen.














