Mensen met een verblijfsstatus mogen in Nederland blijven, maar wachten vaak nog op huisvesting en verblijven daarom in een asielzoekerscentrum (AZC). In het kader van het tijdelijke huisvestingsprogramma verblijven zij doorgaans drie maanden bij een gastgezin, met de mogelijkheid tot verlenging.
Dit initiatief heeft tot doel de druk op de overvolle opvangcentra te verlichten; onlangs moesten mensen in Ter Apel zelfs buiten slapen.
Gemeenten en woningcorporaties zoeken naar duurzame oplossingen, zoals flexibele huisvesting, herbestemming van kantoorruimtes en gemeenschappelijk wonen, maar het tekort is nog steeds aanzienlijk. Organisaties zoals Takecarebnb regelen contacten via bemiddelaars en legt vooraf de verwachtingen vast.
Maandelijkse bijdrage
Niet elke plaatsing is een succes, zo werden vorig jaar bijvoorbeeld elf verblijven voortijdig beëindigd vanwege een gebrek aan klik of veranderingen in de woonsituatie. Daarnaast loopt er sinds mei een proef waarbij gastgezinnen maandelijks 150 tot 220 euro ontvangen als bijdrage in de kosten.
Takecarebnb suggereert dat de groei enigszins samenhangt met deze vergoeding, hoewel het programma nog vrij onbekend is. De organisatie benadrukt dat het opvangen van gasten het opvangprobleem niet oplost, maar wel extra capaciteit oplevert.
‘Samenwonen is de moeite waard’
Gastgezinnen zoals Laura Faber uit Deventer en Lisette Oostra uit Drenthe zijn van mening dat samenwonen praktische hulp en minder privacy vereist, maar dat het ook de moeite waard kan zijn.
Faber woont samen met twee statushouders en helpt hen bij zaken die te maken hebben met de gemeente en het COA, terwijl de bewoners meewerken aan huishoudelijke taken. Oostra zag hoe een voormalige gast uiteindelijk een baan in de gezondheidszorg wist te vinden.
Beiden vinden dat de individuele verhalen van vluchtelingen niet mogen worden vereenvoudigd tot het beeld van ‘gelukszoekers’.




























