De oorlog tussen Rusland en Oekraïne heeft zich op een manier ontwikkeld die velen aanvankelijk verraste aangezien dit voor Rusland de langstdurende oorlog is sinds de 18e eeuw. Momenteel bedragen de kosten van de oorlog 45.000 soldaten per maand, waarbij Rusland meer territoriaal verlies lijdt dan successen boekt.
Bijgevolg voert Poetin nu vooral een meedogenloze strijd in de lucht, waarbij hij gebruikmaakt van drones en geavanceerde raketten. Kortom, hij is van mening dat het de Russische president en zijn naaste medewerkers zijn die in de greep zijn van ‘oorlogskoorts’.
Na een recent protest in Amsterdam, gericht op het stoppen van de ‘oorlogskoorts’ die EU-leiders naar verluidt onder hun burgers aanwakkeren, in combinatie met aanzienlijke investeringen door de lidstaten, rijst de vraag of de Unie de harde aanpak van Rusland nabootst of dat zij haar eigen doelstellingen nastreeft.
Europese financiering neemt af
Defensieanalist Ko Colijn evalueert dat Poetin ervan overtuigd is dat hij Oekraïne tegen het einde van het jaar tot overgave kan dwingen. De Oekraïense luchtverdediging is niet langer in staat om Russische raketten te weerstaan.
Hoewel er hoopgevende berichten uit Kiev komen die erop wijzen dat er binnenkort veranderingen zouden kunnen plaatsvinden, zullen de Russen tot ten minste het begin van het nieuwe jaar nog steeds aanzienlijke vrijheid hebben in het Oekraïense luchtruim.
Dit is deels het gevolg van verbeterde Russische drones, maar vooral omdat de Europese steun – die de Amerikaanse financiering onder Trump verving – naar verluidt is vastgelopen door interne weerstand en aarzeling. Zo werd in Nederland een terughoudender formulering over steun aan Oekraïne opgenomen in het regeerakkoord, wat, zoals Colijn suggereert, zou kunnen duiden op een gevoel van oorlogsmoeheid, zelfs in Den Haag.
Ook aanwijzingen zoals het schrappen van een apart hoofdstuk over Oekraïne uit een toonaangevende Amerikaanse defensienieuwsbrief tonen aan dat er wereldwijd veranderingen plaatsvinden.
Trump's wapenstilstand van minimale waarde
Zondag verklaarde Trump onverwacht dat Oekraïne en Rusland een nieuwe overeenkomst hadden bereikt over een nieuw staakt-het-vuren, ditmaal gericht op energiedoelstellingen. Hij verklaarde op Truth Social dat de overeenkomst onmiddellijk van kracht was, maar gaf geen details.
De Oekraïense president Volodymyr Zelensky had zondag al laten weten dat hij niet op de hoogte was van de aankondiging van het staakt-het-vuren. Maandag zei hij dat hij het nieuws via de media had vernomen. Diezelfde dag verklaarde een woordvoerder van het Kremlin dat er contacten zijn met de Amerikaanse regering over een mogelijk staakt-het-vuren. Hij deed echter geen uitspraken over eventuele afspraken.
Uit de reacties van Oekraïne en Rusland blijkt dat de aankondiging van een stopzetting van de aanvallen op energie-installaties een eenzijdig besluit van Trump was. Deze stap sluit aan bij Trumps recente nadruk op het stoppen van Oekraïense aanvallen op Russische olieraffinaderijen.
De Amerikaanse president beweert dat de stijgende dieselprijzen het gevolg zijn van die aanvallen. Op deze manier probeert hij te verdoezelen dat het Amerikaanse conflict met Iran in dit verband een veel grotere rol speelt.























