De Europese Unie heeft een fundamentele koerswijziging aangekondigd in haar beleid ten aanzien van Damascus. Na jaren van diplomatieke bevriezing en economische beperkingen hebben de EU-ministers van Buitenlandse Zaken besloten de sancties tegen de Syrische ministers van Binnenlandse Zaken en Defensie op te heffen. Deze stap markeert het begin van een bredere inspanning om de relaties te normaliseren en de politieke transitie in het land te ondersteunen.
Herstart van diplomatieke en economische banden
Kaja Kallas, de hoge vertegenwoordiger van de EU voor Buitenlandse Zaken, maakte na afloop van overleg in Brussel bekend dat de lidstaten unaniem hebben ingestemd met het reactiveren van het samenwerkingsakkoord uit 1978.
Dit akkoord, dat onder meer voorziet in de tariefvrije invoer van industriële producten, werd in 2011 opgeschort als reactie op de gewelddadige repressie door het regime van Bashar al-Assad.
Met het wegvallen van het Assad-bewind eind 2024 ziet de EU nu ruimte voor herstel. Waar de handelswaarde tussen de EU en Syrië in 2011 nog circa 7 miljard euro bedroeg, was dit in 2023 gekrompen tot een fractie daarvan: slechts 368 miljoen euro. De heractivering van de handelsafspraken moet fungeren als een krachtige economische impuls voor de wederopbouw van het land.
Financiële steun en institutionele hervorming
Naast de politieke handreiking zet de EU ook concrete middelen in. Eurocommissaris Dubravka Suica bevestigde dat er voor de periode 2026-2027 een steunpakket van 620 miljoen euro is klaargezet.
Bovendien wordt er in Damascus een technisch expertisecentrum opgericht. Deze 'hub' zal de Syrische autoriteiten bijstaan bij het herstructureren van openbare diensten en overheidsinstellingen.
Tijdens een gezamenlijke persconferentie met de Syrische minister van Buitenlandse Zaken, Asaad al-Shaibani, werd gesproken over een "historische dag". De EU toont zich bereid om de huidige samenwerking op termijn op te schalen naar een ambitieuzer associatie-akkoord. Hieraan zijn echter strikte voorwaarden verbonden voor het overgangsregime van president Ahmed al-Sharaa:
Versterking van de rechtsstaat.
Politieke inclusie van alle bevolkingsgroepen.
Transparant beheer van de staatsfinanciën.
De kwestie van terugkeer
Een belangrijk aandachtspunt voor diverse EU-lidstaten is de eventuele terugkeer van Syrische vluchtelingen. Hoewel de normalisering van de banden de weg hiervoor lijkt vrij te maken, benadrukte de EU dat elke terugkeer vrijwillig, veilig en menswaardig moet blijven.
Ook de Syrische regering reageert voorzichtig en stelt dat burgers zelf moeten kunnen inschatten of de omstandigheden in hun thuisland inmiddels gunstig genoeg zijn voor een herstart.
Terwijl de EU zich richt op de stabiliteit in Syrië, blijven ook andere regionale spanningen de agenda bepalen. Zo wordt er nauwlettend gekeken naar de veiligheid in de Straat van Hormuz en de voortdurende ontwikkelingen in Oekraïne, maar de hernieuwde dialoog met Damascus wordt door Brussel momenteel gezien als het belangrijkste instrument voor langdurige stabiliteit in het Midden-Oosten.












